Op de Annie M.G. Schmidt maken wij dagelijks in onze lessen gebruik van Coöperatief Leren.
Sinds 1970 zijn onderwijsmensen structureel bezig met het realiseren van samenwerking tussen leerlingen. Samenwerken komt niet vanzelf. Zoveel verschillen in karakter, belangen, vaardigheden, mogelijkheden. Toch is deze interactie van groot belang, immers: interactie in een leerproces vergroot de leeropbrengst.
Specer Kagan ontwikkelt een antwoord op de problemen met samenwerkend leren in de vorm van Coöperatief Leren. Kagan heeft met succes structuur gebracht in de samenwerking, zodat:
- gelijke deelname van elke deelnemer gegarandeerd is;
- iedere deelnemer aanspreekbaar is op zijn/haar rol in het proces;
- deelnemers positief afhankelijk zijn van elkaar om het proces tot een goed einde te brengen;
- in een grote groep leerlingen minstens 25% tegelijk actief bezig is.
Om dit te bewerkstelligen heeft hij een grote hoeveelheid werkvormen ontwikkeld die inderdaad het bovengenoemde effect hebben. Deze werkvormen noemt hij structuren. Hiermee is coöperatief leren een goede manier om:
- effectieve leertijd te vergroten
- interactie te verwezenlijken
- kinderen actief en betrokken aan onderwijs te laten deelnemen
- sociale vaardigheden te leren
- plezier in onderwijs te bieden aan leerkracht en leerling
|
Binnen-/buitenkring
|
Mix en koppel
|